Carving & Tripod

shutterstock_294328664.jpg

 Carving is de rijtechniek waarbij je in de bocht je binnenste voet uitsteekt als steun. Bij steile bochten gebruik je de verhoogde rand voor nog meer snelheid.
 
Aanrijden van de bocht
 
De wijze waarop je de bocht aansnijdt is allesbepalend. Kies een rem punt op 1/3 van de bocht en verlaag je tempo zodanig dat je zonder verder remmen de bocht kunt aanrijden.
De ideale lijn voor elke bocht is de grootste radius: je kunt via de buitenste rand aanrijden, op het hoogste punt draai je helemaal naar binnen en aan het einde van de bocht rijd je weer naar buiten. Off road moet je echter rekening houden met de ondergrond, zoek dus naar een spoor met zo weinig mogelijk kiezels. Lees het terrein !!!
 
Schuine positie
 
Regel 1: gebruik je remmen, je fiets krijgt dan onmiddellijk meer grip. Hang iets met de richting van de bocht mee en druk de fiets nog meer naar de grond toe. Nu steek je voor de zekerheid de voet aan de binnenkant uit om de fiets op te vangen als de banden moesten wegglijden. De voet aan de buitenkant staat op de pedaal, die helemaal omlaag staat, het been drukt naar het frame. Zo oefen je optimaal druk op beide banden. Het zwaartepunt ligt ongeveer in ’t midden iets voor de trapas. Houd 2 vingers op de remmen, maar gebruik alleen de achterrem als het fout gaat.
 
Midden van de bocht
 
De fiets is sterk onder het lichaam gedrukt, de voet glijdt licht over het grind. Let op de houding op je fiets. Ga niet te ver naar achteren hangen, anders ligt er niet genoeg druk op het voorwiel waardoor dit kan gaan stuiteren. Je bovenlichaam bevindt zich boven het voorste deel van de fiets, de armen zijn gebogen. Als beide banden wegglijden, trek je de fiets weer recht, door je iets op te richten. Zoek naar een zuivere lijn, een bochtlijn die je niet meer hoeft te corrigeren. Na het hoogste punt van de bocht trek je de fiets weer recht uit de schuine positie.
 
 
Accelereren
 
Zet je voet terug op de pedaal en klik deze weer vast. Terwijl je fiets nog een beetje schuin hangt, kun je alweer accelereren. Als je begint te trappen, trek dan niet aan je stuur, maar kies een punt aan het einde van de bocht en fiets daarnaartoe.